Reisverhaal Danny Maaskant
Reisverslag Parijs 22 jan – 25 jan 2007
Door Danny Maaskant
De vrouw naast me is in een diepe slaap verwikkeld, wat overigens wel te begrijpen is om half acht ’s ochtends. Op een maandagmorgen, misschien wel na een zwaar weekend met feestjes en veel drankgebruik, is slapen de beste medicijn. Ik wilde dus eigenlijk ook wel even wegdoezelen. Aan de andere kant zitten echter twee zakenmannen op te scheppen waar ze allemaal wel niet geweest zijn voor hun werk en wat ze daarbij voor onvergetelijke dingen hadden meegemaakt. Één van de twee mannen vertelde dat hij een keer zijn kaartje niet op orde had en doordat hij zich niet had geschoren, zag hij er nogal verdacht uit volgens de conducteur. “Het was zo’n dag dat alles tegenzat”, zei de gedesillusioneerde man terwijl hij terugdacht aan het moment. Ik hoorde het bijzonder interessante gesprek door mijn oordopjes heen, waardoor ik gestoord werd in het luisteren naar mijn veel boeiendere muziek. Ik had de muziek opzettelijk wat zacht gezet om de vrouw naast mij niet te storen, maar door het gesprek van mijn twee reisgenoten was ik wel genoodzaakt om het plusknopje een aantal malen in te drukken. Inmiddels ben ik aangekomen in Brussel en verheug ik mij op het laatste uurtje doorstomen naar Parijs.
Ik loop inmiddels bijna tien weken stage bij het internetbedrijf Azes. Voor dit bedrijf heb ik al vele stukjes geschreven over verschillende steden. Maar als ik schrijf over een stad, moet ik natuurlijk wel even kijken hoe het er in het echte leven uitziet. Ik was een aantal jaar geleden wel al één keer in Parijs geweest, maar toen het begon te regenen besloten mijn vrienden en ik om na één dag weer zuidwaarts te reizen. De weersverwachting voor de aankomende dagen waren ook al niet zo vermakelijk. Bar koud en een harde wind die de gevoelstemperatuur flink naar beneden zou halen, maar gelukkig geen regen deze keer. Eenmaal aangekomen in Parijs merkte ik gelijk dat de weersverwachtingen klopten, maar ik vertrouwde op mijn dikke jas die mij er wel even doorheen zou gaan slepen.
Het enige dat me nog was bijgebleven van het korte verblijf in Parijs, was dat het reizen met de metro best gecompliceerd in elkaar steekt en dat ik me daar toch wel even in moest verdiepen voordat ik daar gebruik van zou kunnen maken. Ik besloot daarom ook om de taxi te nemen naar Hotel Excelsior, waar ik de aankomende drie nachten zou verblijven. In de taxirit viel het me op wat voor gevaarlijke manoeuvres sommige weggebruikers maakten. De taxichauffeur keek er niet van op en reageerde niet eens toen hij bijna van de weg werd gedrukt door een collega-weggebruiker. Een aantal andere verkeersdeelnemers werd het wel te veel en drukte dan ook meerdere keren gefrustreerd tegen hun claxon aan. Eenmaal op Rue Cujas aangekomen, ging mijn hartslag van 160 langzaam terug naar wat normaal is voor een sporterhartslag. Ik betaalde de chauffeur en stapte voor de deur van het hotel uit. Ik kon de grond wel kussen, maar dat vond ik een beetje lullig tegenover de vriendelijke chauffeur en besloot dat ook te doen alsof ik niets anders gewend ben. Ik had wel geleerd te allen tijde te stoppen voor rood licht, niet zonder te kijken een zebrapad over te steken en zo veel mogelijk met de metro te reizen.
Het inchecken was in vijf minuten gebeurd, want een schat van een vrouw achter de balie sprak indrukwekkend goed Engels, waardoor de formaliteiten snel afgehandeld konden worden. Mijn kamer was hoopgevend voor de rest van het verblijf. Er stonden twee bedden, één eenpersoonsbed en één tweepersoonsbed. Ik koos uiteraard voor een goede nachtrust en richtte mijn heerlijke tweepersoonsbed al even in. Het is inmiddels 12 uur ’s middags en ik besluit snel op pad te gaan. Hotel Excelsior ligt op een steenworp afstand van het Pantheon en het sublieme boekje van National Geographic over Parijs loodste mij er in één keer naartoe. Althans eerst even gestopt bij de McDonald’s natuurlijk. Ik had honger en ik kwam langs een Mc, dat kan niet anders dan een signaal van boven zijn. Die honger was overigens deels te wijten aan de bar in de Thalys. Ik liep er even naartoe om een ontbijtje naar binnen te werken, maar toen ik de prijslijst zag besloot ik maar rechtsomkeert te maken. Dat kan ik mijn werkgever niet aandoen voor een lullig broodje. Uiteindelijk is de Mc natuurlijk niet veel goedkoper (als het niet duurder is!), maar ik had wel gelijk een hele maaltijd.
Eenmaal bij het Pantheon aangekomen kon mijn werk eindelijk gaan beginnen. Ik had de opdracht meegekregen foto’s te maken van zo veel mogelijk bezienswaardigheden. Er zijn irritantere klusjes te bedenken, maar vergeet niet dat in Parijs om de twee meter een monument staat. Ik zou dus niet in één dag alles kunnen doen, om de rest van de dagen de beest uit te hangen. Het zou hard werken worden en een aanslag op mijn lichaam betekenen.
Het Pantheon maakte gelijk indruk op me. Een imposant gebouw, waar ik toch wel even stil bij moest blijven staan. Na een aantal mooie foto’s te hebben genomen besloot ik uiteindelijk de mooiste te behouden en de rest te wissen. Ik dacht een vermogen te moeten betalen om het Pantheon binnen te mogen, maar ik kwam gewoon gratis binnen en kon dus zonder kosten een aantal fraaie foto’s van het interieur maken. Ook de crypte van Voltaire nam ik nog even mee, waarna ik weer snel naar de volgende bezienswaardigheid trok. In de omgeving van het Pantheon staan namelijk een aantal andere monumenten, waaronder de bibliotheek St Genevive en de kerk St Etienne.
Met het gidsboek van National Geographic in mijn hand en mijn fototoestel in mijn zak trek ik als een heuse toerist door de stad. Bij het minste geringste trek ik mijn fototoestel en schiet als een wilde om me heen. Mooie foto’s waren het gevolg. Ik was verbaasd over mijn verborgen talent en begreep ook zowaar hoe mijn fototoestel werkte. U moet begrijpen dat ik twee linkerhanden heb en dat ik al blij ben als ik weet waar het knopje voor het nemen van de foto zit. Na zo’n tien monumenten te hebben gehad en mijn voeten al een beetje begonnen te klagen, zag ik tot mijn verbazing dat ik op slechts honderd meter van mijn hotel was gekomen. Het was half twee en had alles rondom mijn hotel gefotografeerd, maar schrok wel dat er zoveel te zien viel in Parijs. Ik besloot er daarom ook maar wat vaart achter te zetten en niet overal naar binnen te gaan. Al is het best lastig om even snel een foto te maken. Bij alle belangrijke monumenten staan hordes toeristen, voornamelijk groepen Japanners, die het maken van een goede foto soms belemmeren door er met zijn allen voor te gaan staan. Ik bedenk me overigens dat die Japanners waarschijnlijk een moord zouden doen voor mijn baantje. Zij hebben een fortuin betaald voor hetzelfde als dat ik voor mijn baas moet doen. Het enige verschil is dat zij het vakantie noemen.
Maar goed, even terug naar de orde van de dag. Na een flinke wandeling, kom ik eindelijk bij Hôtel de Ville aan. Tijdens de wandeling ben ik overigens al een aantal fraaie gebouwen langsgelopen (toch een geluk bij een ongeluk dat ik de metro eigenlijk niet durf te nemen, bang dat ik ben om te verdwalen), waaronder Sainte Chapelle. Helaas was de kapel gesloten op maandag. Een andere dag dan maar, want volgens de kenners mag ik dit niet missen. Dit is zo’n dag waarop alles tegen zit, dacht ik bij mezelf, maar Hôtel de Ville veranderde mijn humeur in één klap. Het is werkelijk een lust voor het oog. Ik was even sprakeloos, niet dat ik veel mensen had om tegen te praten, maar u begrijpt wat ik bedoel. Ik was mijn werk even vergeten en genoot van het uitzicht. Toen ik weer bij mijn verstand kwam besloot ik een aantal foto’s te maken vanuit meerdere hoeken. Het gezellige pleintje, met fonteintjes en een openluchtijsbaan, moest natuurlijk ook in beeld zijn. Het is overigens erg grappig om Fransen te zien schaatsen. Ik ben zelf geen kei op het ijs, maar die Fransen weten helemaal niet waar ze het moeten hebben. Verder dan zich stapvoets te verplaatsen met een hand aan de rand komen ze niet. Leedvermaak blijft natuurlijk het leukste vermaak dat er is. Overigens moest ik nu toch wel heel erg nodig naar het toilet en ik had geen idee waar ik dat even ging doen. De straten van Parijs vervuilen zag ik nou niet echt zitten. In Nederland is wildplassen 75 euro, ik kan het weten, maar misschien hakken ze in Frankrijk wel iets van je lijf af. Wie zal het zeggen. Gelukkig schoot mij ineens te binnen dat ik ooit op televisie een keer gezien had dat er in Parijs ondergrondse toiletten waren. Een fantastisch idee, dat het wildplassen zeker tegengaat. Mocht ik me ooit nog verkiesbaar willen stellen, wordt dat mijn grote klapper. JP mocht u dit lezen, als u dit invoert dan maakt u zichzelf onsterfelijk en hoef ik tenminste de politiek niet in. Want een debat met Rita durf ik echt niet aan.
Opgelucht en al kan ik mijn wandeling door Parijs weer voortzetten. Na een aantal musea slechts van de buitenkant gezien en gefotografeerd te hebben, ik had natuurlijk niet alle tijd van de wereld, besloot ik bij Archives National naar binnen te gaan. Als het er van buiten zo mooi uitziet dan moet de binnenkant ook wel erg indrukwekkend zijn dacht ik bij mezelf. Mijn verwachtingen waren waarschijnlijk wat te hoog en de drie euro entree waren dus wat wij betreft weggegooid geld. Het is dus niet voor niets zo goedkoop en rustig binnen. Binnen vijf minuten stond ik weer binnen, omdat er gewoon echt niets te zien was. Snel liep ik door naar de volgende bezienswaardigheid, die mijn gidsboekje alweer keurig voor mij had opgezocht. Ik hoefde niets te doen, behalve dan de route te volgen die het boekje had uitgestippeld. Ik kwam langs de Musée Picasso, Cognac-Jay en na een tijdje gezocht te hebben ook Carnavalet. Je kunt je museum ook nog onopvallender in een hoekje plaatsen. Helaas liep het al tegen vijven en gingen de musea al sluiten. Ik nam dus genoegen met foto’s van de buitenkant. Een grotere domper was het feit dat mijn fototoestel ermee ophield. De batterij dacht bij zichzelf dat hij wel weer genoeg gedaan had voor vandaag en besloot geen werk meer te leveren voor vandaag. Ik wist niet dat ook batterijen een baantje van negen tot vijf prefereerden, maar hij was resoluut en niet meer om te praten. Ik dreigde nog om hem op de grond te gooien, maar ik besefte dat dit voor beide partijen niet handig zou zijn. We hadden elkaar namelijk nodig.
Dan maar terug naar het hotel, even wat boodschappen doen, de batterij opladen en ergens een hapje eten. Zo gezegd, zo gedaan zou je zeggen. Het zou echter iets anders lopen. Ik besloot de metro te nemen. Onder de straten van Parijs keek ik mijn ogen uit. Ik zag duizenden mensen, die allemaal precies wisten hoe ze moesten reizen en ik had werkelijk geen idee. Ik probeerde het nog zelf op te lossen met mijn National Geographicboekje, maar dat lukte me uiteraard niet. Dan maar vragen. Een heel lief meisje zou me uiteindelijk in gebrekkig Engels uit mijn nachtmerrie verlossen. Maar eenmaal bij het goede station aangekomen te zijn, speelde mijn gebrek aan oriëntatievermogen weer eens op. Ik besloot even boodschappen te doen en in de supermarkt te vragen aan een willekeurige Fransman hoe ik naar Rue Cujas moest lopen. “Ow u bent er dichtbij”, zegt de man zelfverzekerd. “U gaat hier naar rechts en loopt alsmaar rechtdoor. In vijf minuten bent u er”. Waarom zou ik twijfelen aan zo’n zelfverzekerde man, dus ik besloot zijn raad te volgen. Had ik dit maar niet gedaan, want hij stuurde me dus de volkomen verkeerde kant op. Waarschijnlijk brulde hij het die avond uit van het lachen, toen hij zijn streek onder het avondeten vertelde aan zijn vrouw en kinderen. Ik zou uiteindelijk wel bij mijn hotel aankomen, maar pas na ongeveer 400 Fransen gevraagd te hebben waar ik Rue Cujas kon vinden.
Eenmaal in mijn hotel aangekomen merk ik dat de stroom het niet doet. Dat wordt toch best problematisch dacht ik bij mezelf. Mijn eigenwijze batterij had toch even een stroomschokje nodig om hem uit zijn coma te krijgen. Na veel gehannes, met de hulp van een nog onhandigere hotelwerknemer, die mij probeerde te helpen door te zeggen dat ik de stekker in het stopcontact moest steken (alsof ik daar zelf niet op was gekomen meneer de intellectueel!), lukte het me uiteindelijk zelf dit probleem op te lossen. Het is namelijk ook niet zo gek dat de stroom het niet doet als die simpelweg uit staat. Ik moest dus even een schakelaartje aanzetten, waardoor ik de batterij langzaamaan opgeladen zag worden.
Dan eindelijk op zoek naar een leuk eettentje. Ik had een grote honger, maar geen zin om in een chique restaurant tussen veel zakenmensen of verliefde stelletjes te gaan zitten. Ik zocht dus verder, maar bleef uiteraard wel dicht bij het hotel en gooide broodkruimeltjes op de grond zodat ik zeker de weg terug zou vinden. Ik stopte bij een zaakje, waar ik lekkere patat-gyros voor weinig geld kon eten. Ik kreeg het gelijk op mijn bord en was dus slechts een half uurtje zoet. Terug op mijn hotelkamer besloot ik nog even de televisie aan te zetten. Er waren een aantal geweldige Franse films op, die ik totaal niet kon volgen aangezien ik geen Frans spreek, versta of kan lezen. Vroeg slapen was dus de enige optie die mij te binnen schoot. Er stond een zware dag op mij te wachten, mijn wekker zou ook al om half acht klinken.
Half acht bleek de volgende morgen iets te vroeg voor mij. Ik kwam namelijk pas om negen uur mijn heerlijke tweepersoonsbed uit. Wat een uitvinding zeg! Verplicht tweepersoonsbedden in alle hotels zou een goed agendapunt zijn voor mijn nieuwe politieke partij: Lijst Danny. Tijdens mijn ochtendrituelen kom ik erachter dat ik de douchekop zelf boven mijn hoofd moet houden. Een kwartier douchen zoals thuis had dus niet echt mijn voorkeur. Maar mijn batterij en ik waren weer vrienden en ik was klaar om op jacht te gaan naar mooie foto’s. Ik had besloten om gelijk naar de Arc de Triomph af te reizen en dan via de Champs Elysees richting Grand en Petit Palais, Invalides en Louvre te lopen. s’Avonds had ik mijn zinnen gezet op de Sacre Coeur, Moulin Rouge en de Eiffentoren. Om maar even wat bekende bezienswaardigheden te noemen. Mijn reisgids had mooie wandelroutes geschetst in deze gebieden.
Eenmaal buiten gekomen krijg ik me toch een klap. Het voelt echt zo ontzettend koud aan, dat mijn humeur wel een beetje omslaat. Maar niets laat mij vandaag uit het veld slaan en met mijn beste beentje voor, loop ik naar het dichtstbijzijnde metrostation. Geheel op eigen kracht lukt het mij om bij het Arc de Triomph te komen, ik begin namelijk langzamerhand door te krijgen hoe de ondergrondse lijnen een beetje lopen. Arc de Triomph is echt een indrukwekkend monument. Via een ondergrondse tunnel kunt u onder en in de Arc de Triomph komen. Een kaartje kost vijf euro, maar het uitzicht van het dak over Parijs heen is indrukwekkend. Ik had overigens geen idee dat het zo hoog zou zijn. Voor het dak loopt u dan ook over ontelbaar veel treden. Ik voelde het gelijk in mijn benen en dat terwijl ik nog de hele dag zou moeten lopen. Na een paar foto’s te hebben geschoten, net als alle Japanners naast mij op het dak, besluit ik mijn reis voort te zetten. Op de Champs Elysees is het erg gezellig wandelen. Als ik uiteindelijk bij de paleizen uitkom schrik ik mij een hoedje. Grand Palais is echt immens groot en Petit Palais eigenlijk ook, maar in vergelijking met Grand Palais is alles klein. De paleizen zijn overigens niet alleen groot, maar ook echt schitterend. In Grand Palais was overigens één of ander muziekfestival bezig, waar ik dan weer heel veel geld voor moest gaan betalen, maar ik wilde het gewoon even van binnen bekijken. Ik probeerde nog even naar binnen te glippen met als smoesje dat ik niet wist dat ik moest betalen, maar uiteindelijk zei een grote en heel brede beveiliger dat ik toch echt niet naar binnen mocht. Ik heb toen maar wijselijk gehoorzaamd.
Na deze gebouwen gezien te hebben, dacht ik dat ik het hoogtepunt van de dag wel gezien zou hebben, maar niets bleek minder waar. De schitterende brug Pont Alexandre III brengt u namelijk bij Hôtel Nationaldes Invalides. Een fantastisch mooi gebouw met een prachtige tuin en voor de tuin wordt u ontvangen met indrukwekkende kanonnen. Een absolute aanrader voor iedereen die Parijs ooit nog een bezoekje gaat brengen. Bent u er al geweest en heeft u het gemist, moet u toch echt weer terug. Het is inmiddels alweer 12 uur geworden en ik kan echt niet meer tegen de kou. Ik heb het even geprobeerd, maar het gaat gewoon niet meer. Opgeven hoort er echter niet bij, want er moet nog veel gebeuren. Na een tijdje gewandeld te hebben kom ik via de Place de la Concorde bij het Louvre uit. Ik kon echter alleen van buiten wat foto’s maken, het museum is namelijk gesloten op dinsdag. Slaat werkelijk nergens op, dat alles maar gesloten is, maar ik had het kunnen weten, want het stond namelijk heel netjes in mijn boekje. Voortaan misschien iets beter voorbereiden. Overigens werd me op het plein voor het Louvre nog een of ander lelijk armbandje aangesmeerd, die ik eigenlijk niet wilde. Maar uit medelijden en om van de zichzelf kunstenaar noemende armbandjesknutselaar af te komen heb ik uiteindelijk toch maar gekocht. Na het Palais Royal te hebben meegepikt heb ik bijna alles uit deze hoek van Parijs wel gehad en ik besluit dan ook even terug te gaan naar mijn hotel. Even opwarmen om er vervolgens weer wat lekkerder bij te kunnen lopen. Mijn werk ging zelfs lijden onder de extreme kou, want ik kon niet meer schrijven en ik moest toch echt opschrijven wat ik fotografeerde. Beetje lastig om dat na afloop allemaal op te gaan zoeken. In het hotel deed ik een trui met een muts op, zodat ik weer op pad kon. Ik kocht een paar handschoenen voor een peulenschilletje in de eerste de beste kledingzaak en kocht een warm broodje. Broodjeszaken in Parijs zijn echt belachelijk duur, dus als u wilt afvallen, gaat u gewoon een aantal dagen naar Parijs.
Ik ging met de metro naar Opera Garnier, een zeer fraai gebouw. Vanaf het operagebouw volgde ik een uitgestippelde wandelroute langs onder meer La Madeleine, een prachtig en indrukwekkend gebouw, Notre Dame de l’Assamption en la Colonne. Een zeer geslaagde wandeling langs een aantal fraaie gebouwen. Maar hoewel al deze gebouwen erg mooi zijn, konden ze allemaal niet op tegen Sacre Coeur. Wat een prachtige basiliek is dat zeg. Hij is gebouwd boven op een heuvel, waardoor de reis wel even afzien is, maar het is allemaal de moeite waard. Het uitzicht vanaf de heuvel is overigens ook fenomenaal mooi. Een absolute aanrader dus. Een perfecte wandelroute leidde me vervolgens langs onder meer Place Tertre, Musée Montmartre en Theatre des deux Anes. Ondertussen speelde ik nog mee in een Franse film. De twee hoofdrolspelers werden voor een of ander cafeetje opgenomen door een hele cameraploeg. Ik eindigde uiteindelijk bij de Moulin Rouge, waar ik eigenlijk wel even binnen een kijkje wilde nemen. Toen ik uiteindelijk de prijs zag om alleen al binnen te mogen komen, vond ik dat ik dat de baas niet aan kon doen en besloot dan ook maar het hierbij te laten.
Daarna pakte ik weer de metro, ditmaal richting de Eiffentoren. Het was namelijk al donker geworden en dan is de Eiffentoren op zijn mooist. De knipperende lampjes van de toren laten je inzien waarom Parijs ook wel de Lichtstad wordt genoemd. Werkelijk waar een fenomenaal uitzicht. Na een aantal mensen gezegd te hebben dat ik toch echt geen mini-Eiffeltoren wilde kopen, besloot ik een hapje te gaan eten in een gezellige bistro. Ik bestelde een biertje bij mijn eten. De ober vroeg nog of ik small of medium wilde. Ik vroeg uiteraard om een medium. Komt de ober terug met een halve liter bier. Ik was blij dat ik geen groot biertje had besteld, dan kreeg ik denk ik een hele colafles vol.
Het was inmiddels alweer te donker om nog normale foto´s te nemen en het was dan ook de hoogste tijd om weer richting het hotel te gaan. Mijn batterij had me vandaag niet in de steek gelaten en ik behandelde hem dan ook als mijn grootste vriend. De terugweg ging deze keer een stuk beter, hoewel de metro´s zo vol zaten dat ik eerst drie metro´s had moeten wachten voordat ik uiteindelijk ergens bij paste. We leefden inmiddels tien uur ´s avonds en doodop, maar voldaan kwam ik terug in mijn hotel. Na weer een stukje van een indrukwekkende Franse film te hebben gevolgd, ben ik maar gaan slapen. Morgen wacht weer een lange dag vol met prachtige bezienswaardigheden. Ik heb vandaag in ieder geval echt genoten van wat ik heb gezien.
Na weer van een heerlijke nachtrust te hebben genoten. Sta ik weer redelijk fit op. Mijn voeten kunnen er weer tegenaan en dat is maar goed ook, want vandaag staan er weer een aantal interessante bezienswaardigheden op me te wachten. Mijn reis door Parijs zal me vandaag leiden naar onder meer Château Versailles, Assemblee Nationale, Ecolé Militaire, Trocadero,Louvre, Notre Dame en eindigt op de Champs Elysees. Dan moet natuurlijk wel alles goed gaan, maar daar gaan we wel even vanuit.
Als ik buiten kom merk ik dat het gesneeuwd heeft. Nogmaals voor zon, zee en strand moet u niet naar Parijs gaan en al helemaal niet in de winter. Dat blijkt maar weer. De reis naar Versailles duurt ongeveer een half uur. U kunt met de metro gaan en ook met de trein. Ik nam echter de metro en dat beviel me prima. Voor 14.50 euro kunt u naar binnen en krijgt u ook nog eens een koptelefoon, die u rondleidt door het kasteel. Houdt u van kunst, pracht en praal en bent u geïnteresseerd in geschiedenis, dan moet u Château Versailles een keer gezien hebben. Versailles is een stad gelegen op 19 kilometer zuidwestelijk van Parijs. Maar het is heel gemakkelijk te bereiken via het openbaar vervoer of met de auto. Op de weg van het station naar het paleis, komt u ook nog langs het schitterende Hôtel de Ville.
Buitengewoon tevreden stapte ik weer naar buiten om vervolgens af te reizen naar Musée d'Orsay. Toen ik een kaartje wilde kopen voor het museum werd mij verteld dat ik gratis naar binnen kon. Het aardige meisje achter de kassa vroeg hoe oud ik was, maar het bleek dus helaas geen versieringstruc, maar ik mocht dus gewoon gratis naar binnen door mijn leeftijd. Vijf minuten later stond ik weer buiten, niet omdat het museum zo saai was, maar omdat ik een aantal foto´s had geknipt en ik vandaag geen tijd te verliezen had.
Een wandeling leidde mij intussen langs onder meer het mooie Assemblee Nationale, Musée Rodin, Place Vauban en Jardin de l´Intendant. Uiteindelijk kwam ik uit bij Ecolé Militaire. De scholieren waren net aan het rugbyen op het `schoolplein`. Ecolé Militaire is overigens een fenomenaal mooi gebouw, dat u ook eigenlijk wel gezien moet hebben als u in Parijs bent. U krijgt het dus nog druk.
Na de hele middag weer door hartje Parijs te hebben gezworven en van alles wat ik onderweg heb gezien foto´s te hebben geknipt, kom ik rond 15.00 uur uiteindelijk aan bij het Louvre. Ik had de buitenkant uiteraard gisteren al gezien, maar nu kon ik dan eindelijk naar binnen. Voor slechts 8.50 euro kon ik naar binnen. Dat had ik er wel voor over. Louvre bleek zo groot, dat ik werkelijk geen idee had waar ik heen moest. Na een tijdje wat rond te hebben gezworven, vroeg ik uiteindelijk aan een medewerker waar ik de Mona Lisa kon vinden. Dat leek me toch wel het hoogtepunt. Maar ik had eigenlijk beter niet kunnen gaan kijken. In mijn gedachte was de Mona Lisa namelijk heel groot en maakte het veel indruk. In het echt is de Mona Lisa echter een klein schilderij zonder uitstraling, die elke gemiddelde schilder had kunnen maken. Ik probeerde uiteraard nog even stiekem een fotootje te nemen, maar toen ik bijna een kerel van twee bij twee heel erg boos ging maken, stopte ik maar met mijn intenties. Op de ene foto die ik dan wel heb kunnen maken, stond er weer een groep Japanners in het gezichtsveld. Ik kan de grote beer van een beveiliger dan ook geruststellen, want ik heb de foto gewist.
De grote afsluiter van de dag is de Notre Dame. Ik de tussentijd heb ik natuurlijk nog een aantal gebouwen, bruggen, standbeelden, pleinen en musea gefotografeerd, maar die laten we even voor wat het is. De Notre Dame is vooral van binnen erg mooi. De Chapelle St. Denis en La Madeleine zijn werkelijk waar een lust voor het oog. Ik ben normaal gesproken eigenlijk niet zo´n kerkmens. Ik kan wel van de schoonheid genieten, maar als ik werkelijk mensen zie bidden, met van die kettinkjes met daaraan een kruis in hun hand, dan wordt het mij toch echt even te veel. Toen ik dat zag wist ik dus ook niet hoe snel ik weg moest gaan.
Na even terug te zijn geweest in mijn appartement en een hapje te hebben gegeten in dezelfde patat-gyrostent als de eerste dag, besloot ik mijn laatste avond in Parijs af te sluiten op de Champs Elysees. Het leek me erg gezellig en ook een perfecte mogelijkheid om een aantal zeer fraaie foto´s te schieten. Dit is ook absoluut gelukt. De Champs Elysees is in de avond mooi verlicht en het uitzicht op de Arc de Triomph is indrukwekkend. Na een half uur te hebben rondgewandeld op de Champs Elysees zeiden mijn voeten dat het nu echt even genoeg was. Ik ging terug naar mijn hotel, om daar een heerlijke nachtrust te gaan hebben.
De laatste ochtend is aangebroken. De Thalys vertrekt vandaag rond 13.00 uur en die kan ik natuurlijk niet missen. Het enige wat me nog te doen staat is het fotograferen van onder meer Les Halles, Palais le Luxembourg en uiteraard Sainte Chapelle. Als eerste vertrok in naar Les Halles, een leuk winkelcentrum, waar je wel een dagje goed kunt vertoeven. Echt veel indruk maakt het niet, maar dat betekent dat we weer snel door kunnen. Église St Eustache is een prachtige kerk, die u zeker niet mag missen. Parijs bezit overigens een heleboel schitterende kerken. Van elk onbenullig gebouw wordt in Parijs een prachtgebouw gemaakt, waardoor het uiteindelijk toch weer belangrijk wordt.
Uiteindelijk bij Sainte Chapelle aangekomen zie ik tot mijn opluchting dat het nu gelukkig wel geopend is. Als u naar de Sainte Chapelle gaat, dan heeft u dezelfde ingang als het gerechtshof. Voor mij waren dan ook een paar domme gasten, die in hun tassen een vork en een zakmes hadden zitten. Dan vraag ik me toch echt af of ze dat nou gewoon vergeten waren of dat ze echt niet snapten dat ze bij gerechtshof zouden worden gefouilleerd. En bovendien, wat moet je in godsnaam met een vork in je tas. Deze niet al te slimme jongeren kregen dus heel netjes een bekeuring van de aanwezige politieman. Gelukkig had ik geen mes of vork in mijn tas zitten en kon ik gewoon doorlopen. Sainte Chapelle is niet heel erg bijzonder, maar wel helemaal vol met pracht en praal. Het schittert echt van de muren, zo glinsterend is alles. Maar goed, ook dit is niet echt iets om heel lang bij stil te blijven staan. Daar had ik in ieder geval ook de tijd niet meer voor.
Onderweg naar het Palais le Luxembourg, heb ik nog een aantal bruggen en wat gebouwen gefotografeerd. Het Palais le Luxembourg is een prachtige afsluiter van de vakantie. Dit kasteel is gebouwd in Italiaanse stijl en heeft een prachtige tuin. In de zomer zal hij ongetwijfeld nog mooier zijn. Ik maakte nog een aantal foto´s van de omgeving, maar eigenlijk zat mijn werk er op. Drieëneenhalve dag door de straten van Parijs gezworven, maar ik heb lang niet alles gezien. Dat siert de stad ook. Alles in Parijs is mooi en u zult zich dan ook zeker niet gaan vervelen bij een verblijf van een week of langer. Het is zelfs aan te raden wat langer te blijven, want om alle boeiende monumenten en attracties in een rustig tempo te bezichtigen, heeft u wel even nodig. Ik zeg Parijs in ieder geval met een tevreden blik in mijn ogen gedag als ik uiteindelijk in de Thalys stap. Mij rest nog drieëneenhalf uur naar Den Haag HS en dan kan het normale leven weer beginnen.
|